Hogeschool PXL

In de kijker

overzicht

Academische Openingszitting AUHL 2018-2019

sfeerbeeld Academische Openingszitting AUHL 2018-2019
Openingszitting 2018
lees meer

Jaarverslag AUHL 2017


lees meer

Euregional student forum


Meer info op www.euregionalstudentforum.eu
lees meer

FRIS-concept - UHasselt

FRIS-concept

Toelichting FRIS-concept 2.0

In de inleiding van Deel 2 van het SALK-uitvoeringsplan wordt verwezen naar het concept van Full Regional Innovation System, of kortweg FRIS. Het FRIS-concept is door de Universiteit Hasselt voorgesteld als raamwerk om de triple helix actoren in een regionale en sectorspecifieke setting samen te brengen met als doel het versnellen van regionale innovatie.

Inmiddels is dit FRIS-concept verfijnd, enerzijds op basis van een studie onder leiding van Prof. dr. Wim Vanhaverbeke, expert open innovatie en regionale innovatiesystemen, en anderzijds na overleg met een aantal regionale actoren.

Dit heeft geleid tot de toevoeging van een zevende bouwsteen, genoemd “katalysator”. Deze katalysator legt zich toe op de integratie van enabling technologieën (zoals ICT) en op het vinden van cross-overs tussen sectoren. Zeker in meer mature sectoren blijkt dit van belang. De insteek voor deze aanpassing is dat er, naast een technologiegedreven aanpak die uitermate belangrijk is voor de ontwikkeling van R&D-gedreven sectoren, tevens voldoende aandacht moet geschonken worden aan innovatie in meer traditionele sectoren zodat deze versterkt kunnen worden en hun groei versneld kan worden. Innovaties in dergelijke sectoren zijn vaak incrementeel en eerder markt-gedreven dan technologie-gedreven. Precies in deze sectoren kunnen sectoroverschrijdende cross-overs en de integratie van enabling technologieën van cruciaal belang zijn voor innovatie.

Na deze verfijning komen we tot een concept waarin volgende zeven bouwstenen geïntegreerd zijn (zie figuur):  

  1. Goede opleidingen in de domeinen waarin Limburg wil excelleren. Want mensen maken het verschil. Met hun vakkennis en professionele skills kunnen jonge talenten onze bedrijven helpen innoveren. En ook professionals hebben behoefte aan frisse inzichten die hen helpen zich te blijven aanpassen aan nieuwe beroepsinvullingen en snel veranderende markteisen.
  2. Onderzoek is een belangrijke schakel in de innovatieketen van R&D-gedreven sectoren, maar ook in niet R&D-gedreven sectoren is de toegang tot toegepast onderzoek belangrijk. Limburg heeft nood aan fundamenteel, basis-industrieel en toegepast onderzoek met een focus op de concrete applicatiedomeinen waarin de regio wil uitmunten.
  3. Een valorisatieactor, die helpt om nieuwe economische activiteiten te ontwikkelen door academische vindingen op een slimme manier te gebruiken om zo nieuwe processen of diensten te ontwikkelen. Dit kan via samenwerking tussen kenniscentra en bedrijven, door kennis in licentie te geven aan bedrijven of door spin-offs op te richten.
  4. Een bloeiend ecosysteem: In Limburg moeten sectorspecifieke communities gecreëerd worden als inspirerende ontmoetings- en interactieplatformen waarin bedrijven (inclusief start-ups), ondernemers, overheidsactoren, kennis- en onderzoeksinstellingen, afstuderende studenten,… elkaar voortdurend nieuwe impulsen geven rond een bepaald applicatiedomein.
  5. Een katalysator stimuleert de integratie van enabling technologieën en cross-overs tussen de verschillende FRIS-sectoren. De katalysator stimuleert out-of-the-box denken bij het zoeken naar cross-overs en innovatieve businessmodellen.
  6. Incubator: Die broedplaats van nieuwe ideeën moet ook fysiek een plek krijgen in een incubator waar start-ups, ondernemers  en onderzoekers elkaar ontmoeten. Limburg investeerde de voorbije jaren al in incubatoren voor de lifesciences (BioVille), cleantech (GreenVille), energie (EnergyVille), ICT (Corda Incubator), de creatieve sector (C-Mine Crib),…
  7. Investeringsfonds: Om beloftevolle jonge bedrijven uit te laten groeien tot bedrijven die bijkomende tewerkstelling genereren, is er nood aan aangepaste financieringsvormen. Deze investeringsmiddelen zijn zowel nodig voor het oprichten als het doorgroeien van high-tech spin-offs en innoverende bedrijven in gevestigde sectoren.

In het SALK-uitvoeringsplan wordt voorgesteld om het FRIS-concept als raamwerk aan te wenden voor de beschreven acties. Maar een Full Regional Innovation System is méér dan de som van alle actoren. Een gezamenlijke visie, een stimulerende community en continue interactie tussen de verschillende actoren bepalen de impact die een FRIS kan creëren op de lokale economie. Daarnaast kan een FRIS ondersteuning geven aan het acquisitiebeleid.

FRIS-sectoren

In Deel 2 van het SALK-uitvoeringsplan (VR 2013 1507 DOC.0813/1) wordt een overzicht gegeven van de acties op langere termijn, inspelend op de V2O activiteiten. In dit kader werden voor een aantal sectoren zogenaamde business cases ontwikkeld.

Business Cases in het SALK-uitvoeringsplan
   1.  Maakindustrie
   2.  Logistiek en Mobiliteit
   3.  Vrijetijdseconomie en Vrijetijdsbeleving
   4.  Energyville*
   5.  Creatieve economie, ICT en digitale media
   6.  Landbouw, tuinbouw en fruitteelt
   7.  Bouw –Limburg CO2 neutraal
   8.  Zorginnovatie, Biotech, Medtech

*Tijdens de gesprekken die gevoerd zijn ter voorbereiding van voorliggende nota, lijkt deze lijst van sectoren een goede basis om het FRIS-concept toe te passen. Er is wel de nadrukkelijke aanbeveling gegeven door diverse actoren om de business case Energyville te verbreden en op te splitsen naar twee sectoren, met name naar Energie (met Energyville als incubator) en Cleantech (met Greenville als incubator).

Op basis hiervan stellen wij acht FRIS-sectoren voor.

FRIS-sectoren
   1.  Logistiek en Mobiliteit
   2.  Vrijetijdseconomie
   3.  Duurzame energie
   4.  Cleantech
   5.  Creatieve economie
   6.  Landbouw, tuinbouw en fruitteelt
   7.  Bouwsector
   8.  Life Sciences en Health Care